Logo HPEC

Hand-pols expertise centrum Den Bosch (HPEC)

073-5536015

Mallet vinger

Wat is een Mallet vinger
Men spreekt van een mallet vinger (hamer vinger) wanneer het eindkootje van een vinger afhangt en niet meer actief kan worden gestrekt.

Klachten
Het eindgewricht (DIP) is vaak pijnlijk en gezwollen en men kan het eindkootje van de vinger niet meer strekken.

Oorzaak
Een mallet vinger wordt meestal veroorzaakt door een extreme buiging van het eindkootje tijdens stoten of vallen zoals bijvoorbeeld bij het opmaken van een bed of tijdens een balsport (volleybal). Hierdoor scheurt de strekpees af van zijn aanhechtingsplaats aan de basis van het eindkootje en kan de vingertop niet meer worden gestrekt.
Wanneer alleen de strekpees afscheurt heet dit tendinogene Mallet vinger. Wanneer het afscheuren van de pees gepaard gaat met een botbreuk in het gewricht, heet dit ossale Mallet vinger.

Behandeling
De behandeling van een tendinogene Mallet vinger bestaat uit 6-8 weken immobiliseren door  het  dragen van een speciale spalk (Mallet spalk). De spalk houdt het eindgewricht (DIP) in volledige strekstand zodat de strekpees weer kan genezen. Het is van belang gedurende deze tijd de spalk continu te dragen. De vingertop mag niet 1 keer gebogen worden. Het middengewricht moet vrij blijven zodat deze wel kan worden gebruikt en dus gedurende de spalk therapie niet verstijfd.
Vaak blijft er een geringe strekbeperking bestaan. Dit is voor de handfunctie niet van belang. Wanneer de spalktherapie niet succesvol is (meer dan 25 graden strekbeperking) wordt de spalktherapie verlengd met nog eens 6 weken, heeft dit nog geen resultaat, dan wordt de pees alsnog operatief gehecht.
De grote van de botbreuk en de mate van verplaatsing van het botfragment bepalen of een operatie noodzakelijk is. Het doel van een operatie is het terugplaatsen en fixeren van het botfragment op zijn oorspronkelijke positie zodat er zo min mogelijk beschadiging optreedt van het eindgewricht (DIP) en de strekpees in zijn oorspronkelijke positie kan helen. De keuze van de techniek hangt af van de chirurg.

Complicaties
Complicaties treden niet vaak op, maar een operatie aan de hand en pols kan gecompliceerd worden door een  nabloeding, infectie, koude-intolerantie en het ontwikkelen van een Complex Regionaal Pijn Syndroom (zie CRPS). Specifiek voor de Mallet vinger bestaat de kans dat het botfragment niet vastgroeit of dat ten gevolge van beschadiging van het gewricht buig- en strekbeperking blijft bestaan of pijn. Afhankelijk van de ernst kan het nodig zijn om het DIP gewricht vast te zetten.
Ook kan na de spalkbehandeling de vingertop opnieuw gaan hangen. De spalktherapie kan dan worden verlengd. Wanneer spalktherapie niet tot het gewenste resultaat leidt zal de pees alsnog operatief worden gehecht.

Nabehandeling
Na 8 weken mag het dragen van het spalkje worden afgebouwd. In het begin wordt alleen voor het oefenen van het eindgewricht de spalk afgedaan. Het is van essentieel belang dat de mate waarin het eindgewricht wordt gebogen tijdens het oefenen geleidelijk aan wordt opgebouwd. Een handtherapeut van het HPEC zal u hierbij kunnen begeleiden.